Omgaan met stress; voorbij piekeren en zelfkritiek

‘We leven in een stressvolle wereld waarin veel mensen teveel te doen hebben, tijd tekort komen en gehaast door het leven gaan. We werken hard om succesvol te zijn en gewaardeerd te worden en echt ontspannen wordt steeds moeilijker. Wanneer we hierin doorschieten is de prijs die we betalen het ontstaan van psychische klachten, vermoeidheid en stress. We kunnen dan steeds minder genieten van de plezierige kanten van het leven, en het is lastig om geïnspireerd te raken’.
(Bohlmeijer & Hulsbergen, 2013, p.19)

In een cultuur die doorweven is met een illusie van maakbaarheid wordt het al snel onze eigen schuld wanneer het leven niet zo loopt zoals wij zouden wensen. Tegelijkertijd
hebben we het niet voor het zeggen wat er op ons pad komt. Wat we wel zelf kunnen bepalen is hoe we hiermee omgaan. Daarmee hebben we alsnog veel invloed op de kwaliteit van ons leven. We hoeven dan ook niet lijdzaam toe te kijken hoe we gebukt gaan onder steeds meer stress. In de manier waarop we op stress reageren ligt een belangrijke sleutel. Daarover gaat dit artikel. Dus passeer even de gedachte ‘dat je er geen tijd voor hebt om dit rustig te gaan lezen’. Ik nodig je uit om hier toch even prioriteit aan te geven want dat is al een eerste stap om het leven zelf in de hand te nemen; jouw prioriteiten bepalen.

In dit artikel neem ik je mee in een verhaal over het creëren van drukte (we hoeven niet altijd op ‘aan’ te staan en overal op te reageren), de oorsprong van stress (het niet goed genoeg verhaal), piekeren en andere stressversterkers en de weg naar een vitaal leven (glimlachen naar de verhalen van je geest, ruimte maken voor wat is en kiezen voor prioriteiten)….

 

Ik ren dus ik ben
‘Hoe is het met je? Druk zeker.’ Een veel voorkomende openingszin van een alledaags gesprekje. En ‘nee, valt wel mee’ zeggen is een soort van vloeken in de kerk geworden. Drukte lijkt een soort merknaam geworden in deze tijd. Tegelijkertijd zie ik in mijn praktijk voor therapie en coaching steeds meer mensen voor wie de drukte te veel is geworden.
Je zou je ook af kunnen vragen waarom je steeds zo druk bent? Waarom haal je je eigenlijk zoveel drukte op de hals, wat maakt dat je nooit de tijd neemt om even rustig bij jezelf stil te staan? Wat ga je daarmee uit de weg? En wat verwaarloos je daarmee wat eigenlijk jouw aandacht vraagt? Wat beweegt zich onder de oppervlakte van jouw drukte? En waarom zou je een identiteit willen ontlenen aan druk doen? Wie zou je zijn zonder drukte? Wat moet jij van jezelf allemaal nog doen, voordat je mag zijn wie je bent en eindelijk tot rust mag komen? Het zijn maar wat vragen die je misschien op weg kunnen helpen… In ieder geval wil ik hier vraagtekens plaatsen bij de vanzelfsprekendheid waarmee velen van ons een heel druk leven leiden.
Er is niets mis met het nastreven van waardevolle doelen die jou vervulling schenken. De grote vraag is of het blindelings druk zijn, vanuit een gevoel van tekort, ook op lange termijn voldoening geeft. Die drukte zorgt er namelijk voor dat we te weinig tot rust kunnen komen waardoor stressklachten al snel op de loer liggen. Misschien kun je het ook omdraaien: ‘ik ben al’ en vanuit deze rust ga ik kijken wat ik wil bijdragen, wat voor mij belangrijk is en wat mij inspireert….

Stress en de werking van ons brein
Hoe komt het toch dat steeds meer mensen vastlopen in stress en burn-out?
Daarvoor moeten we eerst een uitstapje maken naar de evolutie van ons brein. Monique Hulsbergen en Ernst Bohlmeijer beschrijven de werking van het brein en leggen een verband met het ontwikkelen van chronische stress in ‘Compassie als sleutel tot geluk’. Zij baseren zich op de theorie van Paul MacLean over het drievoudige brein. Hier volgt een samenvatting.

Het is namelijk niet jouw schuld dat je stress ervaart! Stress hoort zeker in deze tijd bij het leven en wanneer we ons niet bewust zijn van de automatische reactiepatronen die voortkomen uit de werking van ons brein reageren we op stress op een manier die ons steeds verder van huis brengt.

Onze hersenen zijn tot ontwikkeling gekomen in een tijd waarin we als mensen volledig onderdeel waren van de natuur. Het oude deel van de hersenen hebben we gemeen met dieren en bestaat uit het reptielen- en zoogdierenbrein. Het is erop gericht te overleven. Het zoogdierenbrein bestaat uit drie emotiesystemen namelijk het beschermings-, jaag- en een kalmeringssysteem. Ik noem het voor het gemak ons emotionele brein.
Op de eerste plaats scannen we onze omgeving pijlsnel op dreigend gevaar. Zonder erover na te hoeven denken is onze reactie gericht op bescherming door te vechten, te vluchten of te bevriezen. Dit is het beschermingssysteem van de hersenen waarmee we pijn en ongemak proberen te vermijden. Woede, angst en walging zijn de emoties die vanuit dit systeem verschijnen.
Het tweede systeem van het emotionele brein, wat van belang is voor onze overleving, is het jaagsysteem wat ons in staat stelt al die dingen te verzamelen die nodig zijn om te overleven. Je kunt daarbij denken aan voedsel, een partner, een woning om in te leven en het vergaren van bezit. Vanuit dit systeem zijn we vitaal en enthousiast. Gedreven vergaren we hulpbronnen. We streven beloning, erkenning en succes na. We stellen doelen en komen in actie.
Het derde systeem vormt een tegenwicht tegen de eerste twee systemen. Dit systeem staat in het teken van balans en rust. Nadat het gevaar geweken is en we voorzien zijn in onze behoeften voor ons levensonderhoud, is het tijd voor rust en ontspanning. Op deze momenten van kalmte kunnen we zorg geven en ontvangen. Het treedt in werking wanneer we ons veilig voelen, wanneer we geen aandrang voelen om iets te bereiken en wanneer we tevreden zijn met onze leefsituatie en met wie we zijn. Het lichaam herstelt zich. Dit systeem wordt actief wanneer we vriendelijkheid ervaren, ons verbonden voelen met anderen en liefdevol lichamelijk contact hebben. Denk aan een kind dat liefdevol getroost wordt na een angstige ervaring.
Als we gelukkig zijn, zijn de drie emotiesystemen over het algemeen in balans en worden geactiveerd als het nodig of mogelijk is. Bij dreiging wordt het beschermingssysteem actief. We ervaren angst en woede. Deze emoties helpen ons om goede keuzes te maken in het leven, door onszelf te beschermen, door ons terug te trekken of door grenzen te stellen. Daarnaast zijn we actief, realiseren we doelen en plannen, waarmee we in eigen levensonderhoud kunnen voorzien en ondernemen we plezierige activiteiten. Er zijn echter ook voldoende momenten van tevredenheid, kalmte en ontspanning.

De rol van het nieuwe brein
In de loop van de evolutie hebben we ook een nieuw brein ontwikkeld wat ons in staat stelt om te denken, te redeneren en te communiceren via taal. Hiermee geven we betekenis aan een situatie op basis van eerdere ervaringen. We kunnen onszelf hiermee geruststellen, maar die betekenisgeving kan ook tegen ons werken en er voor zorgen dat we gevangen blijven in het beschermings- of jaagsysteem.
Wanneer een kat een confrontatie aangaat met een hond gaat deze achteraf niet steeds herkauwen; stel dat de hond me toch te pakken had gehad, of stel dat hij straks terugkomt… Na de confrontatie ligt de kat weer rustig te spinnen en is het beschermingssysteem weer gekalmeerd.
Met het denk- en voorstellingsvermogen van ons nieuwe (denkende brein) kunnen we ons dus allerlei angstscenario’s voor de geest halen die nooit hoeven te gebeuren maar die het beschermingssysteem wel voortdurend op aan zetten. Ook kunnen we ons steeds allerlei tekorten verbeelden waarmee we ons jaagsysteem activeren, terwijl we in wezen al lang voldoende middelen tot onze beschikking hebben om van te leven.

De rol van leerervaringen uit het verleden:
Het verleden speelt hierbij een belangrijke rol. Wanneer je opgroeit in een voortdurend gespannen sfeer of gewelddadige omgeving zorgt dit ervoor dat je voortdurend op je hoede blijft. Met een levensachtergrond van dreiging en traumatisering, kan het zo zijn dat ons beschermingssysteem heel makkelijk geactiveerd wordt, omdat het geoefend is. Daardoor reageert het heel gevoelig op allerlei vormen van reële, maar ook van vermeende dreiging. Alleen al de herinnering aan een traumatische gebeurtenis of de gedachte aan herhaling, kan een angstreactie uitlokken die diep in ons lichaam doordringt, ook al dreigt er op dat moment al lang geen reëel gevaar meer. Ook bij neutrale gebeurtenissen kan het beschermingssysteem, via associaties en verbanden die met behulp van ons taal- en voorstellingsvermogen worden gelegd, op ‘aan’ gaan. Onze alarmbellen staan als het ware te scherp afgesteld. Wanneer de opmerking van een collega jou onbewust doet herinneren aan een pestverleden, reageer je voor je het weet door te vechten of te vluchten omdat je beschermingssysteem op aan is gesprongen. Eigenlijk reageer je op het verleden in plaats van op wat er in het hier en nu gaande is.

Het jaagsysteem zit vaak in de overdrive bij mensen die als kind erg hun best moesten doen om gezien en erkend te worden. Wanneer een kind aan allerlei voorwaarden moet voldoen om aandacht en liefde van de ouders te krijgen en opgroeit in een sfeer van competitie dan kan elk gevoel of voorstelling van tekortkomen gemakkelijk het jaagsysteem activeren.

Je kunt je er tenslotte iets bij voorstellen dat een veilige hechting; het opgroeien binnen een gezin waarbij ruim voldoende aandacht is voor jouw noden en behoeften en waarin je je beschermd en veilig voelt, bijdraagt aan ontwikkeling van het kalmeringssysteem.
(Bohlmeijer en Hulsbergen 2015)

Je hersenen als korenveld
Je hersenen zijn te vergelijken met een korenveld. Vaak betreden paden raken uitgesleten en zijn makkelijk herkenbaar en dus ook makkelijk te bewandelen. Wanneer je een pad niet langer betreedt raakt het op een gegeven moment overwoekerd en lastiger begaanbaar. Het goede nieuws is dat we ons met ons nieuwe (observerende) brein bewust kunnen worden van de patronen die ons niet langer behulpzaam zijn. We kunnen besluiten deze te doorbreken en de platgetreden paden te verlaten. We kunnen er vervolgens heel bewust voor kiezen om nieuwe paden aan te leggen in ons brein; wegen waarmee we het kalmeringssysteem versterken. Uiteraard blijven we ook het vermogen houden om alert te reageren op gevaar en de zorg voor ons levensonderhoud.
De oorsprong van drukte en stress; verhalen over gevaren en schaarste.
Met ons nieuwe, denkende brein kunnen we onszelf meesterlijke verhalen vertellen. Zeker wanneer de alarmbellen van onze hersenen goed getraind zijn, heeft dit brein een voorkeur voor verhalen over wat er allemaal mis kan gaan. Aangezien we prioriteit moeten geven aan gevaren om te kunnen overleven, is onze geest geëvolueerd om negatief te denken. Maar… de gevaren van vroeger zijn niet te vergelijken met de gevaren van nu. Wanneer heb jij voor het laatst een hongerige leeuw ontmoet?
Als volwassene ben je om te overleven ook niet langer afhankelijk van je ouders of andere naasten. Toch kan een frons van iemand die je lief hebt met behulp van de verhalen van ons nieuwe brein, dezelfde alarmbellen doen aanslaan in onze hersenen als van het weerloze kind dat je vroeger was.

Kenmerkte ‘het huis van onze ouders’ zich vooral door verwaarlozing, competitie en voorwaardelijke waardering, dan vertelt onze geest vooral verhalen over schaarste en tekort. Als ik nu maar die baan, dat succes, die mooie partner, dat grote huis heb, dan zal het vast beter gaan met mij… Op deze momenten is het jaagsysteem van ons oude brein aan zet. Het najagen van alsmaar meer en beter kan ons voort blijven drijven, ook wanneer we allang genoeg hebben om van te leven. We schieten door en kunnen nooit echt tevreden zijn met wat we hebben. Er sluimert altijd een onderliggende overtuiging dat het niet genoeg is; niet genoeg wat je hebt, of wie je bent. En dat in al zijn varianten; ik ben niet mooi genoeg, niet slim genoeg, niet interessant genoeg, niet aardig genoeg. Ik ben waardeloos, slecht, saai, dom, dik en lelijk…En deze innerlijke kritische stem waarmee we ons zelf aanvallen, activeert op zijn beurt weer het beschermingssysteem.

Onszelf beschermen tegen gevaar en de juiste middelen veroveren om te overleven, het zit in onze natuur en in de juiste balans gedijen we hier goed op. We raken uit balans (lees in de stress) wanneer het beschermings- en jaagsysteem overuren draaien. Beide systemen zijn gericht op actie, op doen. Vanuit het kalmeringssysteem komen we in een zijnsmodus terecht. We handelen dan vanuit een ontspannen en zorgzame houding. De balans is al aardig ver te zoeken als we merken dat we niet meer tot rust kunnen komen om te genieten van de kleine dingen die het leven ons ook brengt zonder er iets voor te hoeven doen. Als we geen tijd meer nemen om ons te ontspannen en bij onszelf stil te staan of tijd te spenderen met onze dierbaren.

Verhalen over dreiging en tekort komen samen in het ‘niet goed genoeg verhaal’ zoals Russ Harris dit beschrijft. Ik ben niet goed genoeg, de ander is niet goed genoeg, de wereld is niet goed genoeg.

Natuurlijk komen we allemaal in ons leven allerlei zaken tegen die we graag willen verbeteren. Wanneer dit gebeurt, kunnen we erkennen dat er sprake is van een werkelijkheidskloof tussen wat we willen en wat we hebben. En als we het bestaan van die kloof hebben onderkend, kunnen we proactief worden. We kunnen bedenken hoe we de situatie kunnen verbeteren en hoe we effectief actie kunnen ondernemen. Dit is iets heel anders dan blijven hangen in het niet goed genoeg verhaal, het steeds opnieuw afdraaien daarvan en het rondcirkelen in een waas van onvrede. Hoe slecht de situatie ook is, door onze dagen te slijten in een dikke mist van niet goed genoeg zal de situatie alleen nog maar verder verslechteren.
Het gaat er niet om dat we de moeilijke of pijnlijke dingen van het leven maar moeten verdragen of dat we daar overheen moeten stappen. Evenmin gaat het erom dat we het moeten opgeven om doelen na te streven of behoeften te vervullen of dat we er niet meer aan werken om dingen te verbeteren. Het punt is alleen dat het niet-goed-genoeg verhaal een van de favoriete verhalen van de menselijke geest is en dat ons leven meestal alleen maar moeilijker wordt als dit verhaal ons in de greep krijgt. (Harris, 2012)
Wanneer we dit verhaal vastgrijpen zet het ons aan om alsmaar voort te jagen, te vechten tegen of te vluchten van de werkelijkheid zoals die is. De illusie van een maakbare wereld leert ons nauwelijks stil te staan bij de pijnlijke en verdrietige kanten van het leven. We willen zo snel mogelijk weg van de spanningen die in ons lichaam voelbaar zijn. Het probleem is alleen dat de manieren die we gebruiken om van die spanningen af te komen ons vaak klem zetten in een vicieuze cirkel.

De vicieuze cirkel van stress en piekeren
Wanneer we worden geconfronteerd met een werkelijkheidskloof en de realiteit niet zo is zoals wij die wensen dan doen we er alles aan om daar zo snel mogelijk een oplossing voor te vinden. In de buitenwereld werkt dit vaak prima; na een ontslag kun je op zoek gaan naar een nieuwe baan. Maar hoe werkt dit in jouw binnenwereld? Wat gebeurt er wanneer je je onzeker voelt of gespannen, stress of angst ervaart? Dan wil je zo snel mogelijk van deze gevoelens af. Je gaat nadenken over de situatie die deze gevoelens teweeg heeft gebracht. ‘Waarom voel ik me toch zo gestrest, angstig, verdrietig, boos? Ik zou me niet zo moeten voelen’. Sterker nog, misschien krijg je wel het gevoel dat je faalt wanneer het niet lukt om je rustig en kalm te voelen. Er komen oordelen bij over jezelf of over de ander. Met negatieve oordelen over onszelf vallen we onszelf aan. En aangezien het beschermingssysteem van het emotionele brein geen onderscheid kan maken tussen een aanval van buiten onszelf of een aanval van binnenuit, veroorzaken we hiermee dus nog meer gevaar en nog meer stress. Wanneer de stress te hoog wordt neigen we er misschien toe anderen te gaan veroordelen om het allemaal wat minder pijnlijk te maken voor onszelf. Maar ook daar komen we niet verder mee.
En je geest knoopt daar mogelijk nog allerlei verhalen aan vast. Verhalen over wat ook al mis ging in het verleden of wat uit de hand kan lopen in de toekomst. In ons streven grip te krijgen op onze stress blijven we deze verhalen herhalen; we piekeren ons suf om een oplossing te vinden voor problemen die daardoor alleen maar groter worden. Zeker wanneer we het persoonlijk maken en ons gevoel voor eigenwaarde op het spel zetten, wordt het probleem almaar groter. Piekeren leidt tot stress en stress leidt tot piekeren. We zitten gevangen in een cirkel waar we zomaar niet meer uitkomen.

Stel je ervaart veel stress op je werk en voelt je onzeker of je het werk wat je doet wel aan kunt. Een opmerking over je werk van een collega zet je onzekerheid in vuur en vlam. Je gaat nadenken over je onzekerheid; ‘Waarom voel ik me toch zo? Ik zou me niet zo moet voelen. Anderen doen toch ook gewoon hun werk. Waarom loop ik hier toch iedere keer tegen aan? Bij mijn vorige baan ging het ook al niet goed. Straks ga ik mijn baan nog verliezen en wat dan? Wat denkt die collega eigenlijk wel niet, iedereen maakt toch wel eens een fout, alsof zij het altijd zo goed doet.’

Kortom je raakt verstrikt in een negatief verhaal over jezelf en over de ander; een verhaal dat doorgaans weinig inspirerend is. Het dient er vaak toe je kwetsbaarheid af te schermen; je creëert als het ware een rookgordijn. Erger nog is dat dit verhaal nog meer stress veroorzaakt. Je geest wil je maar al te graag helpen om van je stress af te komen door te analyseren waarom je je voelt zoals je je voelt en door alsmaar repeterende verhalen te vertellen waarmee je met jezelf in discussie gaat. Dit zijn de verhalen van verzet; je wil eenvoudigweg niet dat het is zoals het is. Ook zijn het verhalen met een kritische ondertoon zowel naar jezelf als naar de ander.

Andere stressversterkers
We zijn niet voor één gat te vangen. Krijgen we de stress niet getackeld met ons denken dan kunnen we altijd nog van alles doen of laten om controle te krijgen over de situatie. En voor zover dit werkt is dit uiteraard prima. Maar als het echt heel goed werkte wat je deed, waarom zou je dan dit artikel lezen?

Je kunt datgene wat stress veroorzaakt natuurlijk uit de weg gaan. Je zoekt afleiding door je met andere dingen bezig te houden; je mobieltje biedt wellicht een escape. Of misschien pak je even lekker een flinke borrel, of wat kalmeringstabletten.. Okay, je voelt je even ontspannen, maar daarna? Het lijkt dan even of je er vanaf bent. Maar wat als je daar waardevolle dingen voor op moet geven? Hoe werkt dit vermijden van problemen op de lange termijn?
Of je zet nog een tandje bij; als ik maar harder mijn best doe, dan komt het goed. Je ploetert maar door…Maar waar ligt de grens? Hoe wil je op deze manier voor jezelf zorgen?
Je kunt je gevoelens van stress en spanning ook proberen zo goed mogelijk te onderdrukken door ze diep in jezelf weg te stoppen. Je doet net alsof je niet gespannen bent; alsof het je allemaal niet zo raakt. Je sluit je af voor deze gevoelens. Dit zorgt er echter voor dat je de energie van stress onderdrukt, je kunt niet even pieken en daarna weer tot rust komen. Je blijft met al die innerlijke opwinding rondlopen, zowel in de vorm van stresshormonen die huishouden in je lichaam, als in de vorm van je geagiteerde gedachten en gevoelens.
Kortom je probeert je met man en macht uit een kuil te graven waar je steeds verder in weg zakt. Herken je dit? En hoe werkt dit dan voor jou?

Stop: nu luisteren en vriendelijk zijn voor jezelf!!!
Ons nieuwe brein kan ons aardig tegenwerken, zeker wanneer we op de automatische piloot reageren en in de piekerstand beland zijn. Maar we kunnen het ook vóór ons laten
werken. Dit begint door jezelf een halt toe te roepen en met een vriendelijke aandacht te observeren wat er gaande is…
Je maakt even een pas op de plaats en gaat als het ware achter de waterval van je gedachten staan. Je kijkt naar de verhalen van je geest die vertellen dat het niet goed genoeg is. Door je gedachten niet langer zo serieus te nemen kun je zien wat gedachten werkelijk zijn; niet meer en niet minder dan een verzameling woorden en beelden, nog altijd niet de werkelijkheid zelf. En kun je dan glimlachen naar de creativiteit van jouw geest.. Je hebt gedachten, je bent ze niet.

Een volgende stap vraagt om bereidheid om even echt stil te staan en te luisteren naar wat er in jou leeft, om als het ware even onder de golven van jouw drukke geest te duiken. Wat dient zich aan onder die drukke golven van jouw eindeloze stroom van gedachten? Het helpt om even af te stemmen op je ademhaling en contact te maken met je lichaam. Waar voel je de stress in je lichaam? En ben je bereid daar ruimte voor te maken? Wat word je dan gewaar…. En als je die spanningen verder verkent, komen er dan ook emoties op?
Vanuit compassie met jezelf kun je je met vriendelijke aandacht richten op het punt waar je nu staat; jouw levenssituatie op dit moment. Wat is daar al wel wat je kunt waarderen en waar je dankbaar voor bent, en wat mis je nog? Door contact te maken met je gemis, en wat dit met jou doet, wordt ook duidelijk wat belangrijk voor jou is. De gevoelens die hierbij horen willen nu eenmaal gevoeld worden. Pas dan kunnen ze jou loslaten. Zou je daar ruimte voor willen maken? Mag je hier ook even echt bij stil staan van jezelf? Je kunt dit doen in de wetenschap dat jij het vermogen hebt aandacht te schenken aan alles wat er in jou leeft. Er zijn gedachten, gevoelens en lichamelijke sensaties die komen en gaan, stromen en veranderen én er is een jij die zich hiervoor beschikbaar kan stellen, een jij die altijd onveranderlijk aanwezig blijft. En als je hoofd dit maar een soft gedoe vindt, kun je dan ook die gedachte opmerken en laten voor wat die is..

Wanneer je lang genoeg luistert laten zich misschien ook wel andere kanten van jezelf horen. Misschien wil de perfectionist in jou ook wel even ruimte maken voor de verwaarloosde levensgenieter. Hoe zit het met die ontspannen flierefluiter die ook wel eens wil chillen?

Wie luistert?
Vanuit jezelf als observator kun je pas echt waarnemen wat jouw vertrekpunt is en kun je een keuze maken op welk verhaal jij je wil afstemmen. Wil je je afstemmen op het ‘niet goed genoeg verhaal’ oftewel de verhalen over tekort, schaarste en dreiging over wat er allemaal mis kan gaan, of wil je in het licht gaan staan van wat jou drijft en inspireert? Hoe zou het zijn om je te richten op jouw unieke bijdrage aan de ander en de wereld?
Al luisterend naar wat er in jou leeft, komt als vanzelf ook tot leven wat er werkelijk voor jou toe doet, waar jij voor wil staan in dit leven en waar je heen wilt. Niet omdat je tekortschiet, maar omdat je vanuit overvloed jouw kwaliteiten in de wereld wil zetten. We maken dan plaats voor een willen doen vanuit wie we zijn, in plaats van een moeten doen voortkomend uit regels. Regels waaraan we moeten voldoen om ons tekort op te heffen. Voel je het verschil? En misschien kun je jouw to-do lijst dan wel laten voor wat die is, wat echt jouw prioriteit heeft, vergeet je immers niet.
Dit betekent niet dat je alleen nog maar leuke karweien te doen hebt. Waar het om gaat is dat je handelen niet meer wordt gedreven door verzet tegen de werkelijkheid zoals die is, maar in dienst staat van de richting die belangrijk voor je is. Zeker wanneer je er je volle aandacht op kunt richten, worden die klusjes misschien zelfs leuk om te doen. Je staat jezelf dan toe om in flow te komen.

Moniek van Oss

Mocht je hulp willen hebben bij dit proces, kijk dan voor de mogelijkheden op mijn website www.psychotherapietilburg.eu Voor individuele therapie en coaching kun je terecht bij mijn praktijk in Tilburg. Daarnaast bieden we een stressreductietraining ‘Voorbij stress en burnout’ aan in Antwerpen. Deze wordt gegeven door Annelies Harvant en Moniek van Oss.

Literatuur

Bohlmeyer, E. & Hulsbergen, M., 2013. Dit is jouw leven. Amsterdam, Uitgeverij Boom

Bohlmeyer, E. & Hulsbergen, M., 2015. Compassie als sleutel tot geluk. Amsterdam, Uitgeverij Boom

Crabbe, T., 2016. Nooit meer te druk. Amsterdam, Uitgeverij Luitingh- Sijthoff

Harris, R., 2012. De klappen van het leven. Houten, Bohn Stafleu van Loghum

Kolts, R. 2017. Compassion Focused Therapy in de praktijk. Amsterdam Hogrefe uitgevers

MacLean, P.D. 1990. The Triune Brain in Evolution- Role in Paleocerebral Functions. New York Springer